Groot, groter, te groot
juli 7, 2011
Het is zomer. Tijd om zien en gezien te worden. Dat geldt op straat, op het terras en niet minder op het water. Op een dag langs Utrechts nat kijk je je ogen uit. ‘Wat hier allemaal voorbij komt.’
Het ene na het andere opzichtige jacht probeert je aandacht te stelen, al is het maar voor een vluchtige seconde. Boten met originele namen (Viscus), foute namen (Chulo), zonder inspiratie (Happy Time) of gewoon kak (Hendrik van Zuylen). Niet zelden vergezeld door de herkenbare Burberry-kleuren.
Je ziet ze in alle soorten en maten voorbij dobberen; sloepjes, jachten, zeil- en motorboten. En zoals het hoort, op de kont een rood-wit-blauw gestreepte vlag, die af en toe halfnat in het water hangt.
Er zitten joekels van boten tussen. Soms zelfs zo groot dat ze vast komen te zitten in één van de vele verraderlijke bochtjes van de Utrechtse gracht. “Die bij de bibliotheek is een beruchte.” Want dat de boten groter en groter worden is geen geheim, alleen vervelend voor sommigen dat de waterwegen niet meegroeien. Maar eerlijk is eerlijk, wat moet het heerlijk zijn om als kapitein je eigen schip door de Utrechtse grachten te navigeren, met of zonder angstzweet. Je voelt je even baas.
p.s. Met de foto heb ik wat gesmokkeld. Deze heb ik niet in Utrecht, maar op vakantie in Saint Tropez gemaakt.